Bij alle diensten die we aan de bodem toekennen om het belang van een goede bodembescherming te onderstrepen vergeten we bijna één belangrijke bodemfunctie: de bodem is de drager van onze bedrading.

Hoe belangrijk is bedrading niet voor de moderne maatschappij? Hoeveel e-mails, telefoongesprekken en databestanden, gensequenties, hele genomen, beurskoersen en financiële jaarverslagen vliegen er niet dagelijks door kabels in de bodem? Uiteraard gaat er ook veel informatie door de lucht, via radiosignalen, en zelfs naar satellieten op 36.000 km boven ons hoofd en weer terug, maar de bedrading van de bodem is het meest tastbare teken van connectiviteit in de global village.

Ik was eens in Amsterdam-Zuid, in de tijd dat ze daar heel optimistisch het ene kantoorgebouw na het andere uit de grond stampten. In al die kantoorgebouwen, achter duizenden raampjes, zitten duizenden financiële administrateurs, ambtenaren en speculanten, te werken achter evenzoveel computers. Uiteindelijk zijn die computers via bedrading verbonden met de rest van de wereld. Buiten waren mannen bezig met het graven van diepe sleuven in de grond en daarin legden ze enorme kabelbundels, duizenden glasvezels bij elkaar, met alle kleuren van de regenboog. In totaal was zo’n bundel wel een meter in doorsnede. Je snapt niet dat ze er nog wijs uit konden worden. Alle e-mails van die duizenden kantoorklerken gaan door die kabels en als we geen bodem hadden, waar moesten we er dan mee naar toe?

Vroeger liepen er veel kabels door de lucht, langs telegraafpalen waar ook de straatverlichting aan was bevestigd. Dit was een waardeloos systeem, want bij een beetje storm waaide zo’n paal om en zat het hele dorp zonder stroom. Die kabels door de lucht zijn nu allemaal vervangen door bodembedrading, wat een veel betrouwbaarder systeem is. Het was alleen jammer voor de zwaluwen, want die missen de kabels waar ze zo mooi op konden zitten. Als je naar landen in Zuid Europa reist zie je nog veel van die telegraafpalen, maar dan zitten er scharrelaars op de draden.

Binnen elke gemeente zijn mensen bezig bij te houden welke kabel waar ligt; duizenden bedradingschema’s staan in de computer, die met elkaar gegevens uitwisselen via nog meer draden. Duizenden mensen zijn bezig om die schema’s actueel te houden. Als iemand ergens een gat wil graven kan de gemeenteambtenaar precies vertellen of er een kabel loopt op die plek.

Ik ben zelf ook hard geconfronteerd met de bedrading van de bodem toen ik een stukje schutting wilde zetten achterin mijn tuin. Ik zette de schutting tegen de trottoirband, eigenlijk op gemeentegrond, maar dat hinderde niet, want de gemeente was allang blij dat ik dat metertje grond netjes hield.

Bij het graven van de gaten voor de palen stuitte ik op menige boomwortel, die ik allemaal doorzaagde. Als je meer dan een halve meter in de grond zit wordt het in mijn tuin een beetje onoverzichtelijk, want je zit al gauw in het grondwater. Op een gegeven moment haalde ik na weer een zaagactie een stuk wortel boven water dat er sprekend uitzag als een vmvk-kabel. Ik keek op en zag 3 meter verderop een lantaarnpaal staan; ’s avonds bleek dat het licht van de lantaarnpaal niet meer aan ging.

Hoe kon ik vergeten dat de bodem bedraad is!

Facebook Comments