Frans de Waal, wereldberoemd Nederlands-Amerikaans apendeskundige, heeft weer een fantastisch nieuw boek geschreven, “Mama’s laatste omhelzing”. Ik zou zelf gekozen hebben voor het woord “knuffel” (conform de Engelse titel, “hug”), omdat dat beter weergeeft waar het om gaat. Een omhelzing kan een bedoeling hebben, maar een knuffel is een biologisch verschijnsel, dat gepaard gaat met het vrijkomen van het hormoon oxytocine. Dat hormoon is geassocieerd met tederheid, hechting aan een soortgenoot, seksuele aanraking, en het vrijkomen van melk uit de borsten van zogende vrouwen. Alle zoogdieren hebben dit hormoon en het heeft bij al die dieren dezelfde functie. Dat is precies de reden waarom Frans de Waal – terecht – stelt dat ook het emotioneel gedrag dat opgewekt wordt door oxytocine erg vergelijkbaar is tussen zoogdieren. Frans de Waal projecteert geen menselijke eigenschappen op apen. Wat herkenbaar is in andere dieren is herkenbaar omdat het biologisch hetzelfde is. Bovendien zijn de Waals conclusies gebaseerd op feiten, op een leven met apen, waarover hij ook in andere boeken sinds “Chimpanseepolitiek” (1982) zo treffend geschreven heeft. De Waal vertelt ook dat hij aan het begin van zijn carrière moeite had om zijn conclusie dat dieren emoties hebben geaccepteerd te krijgen. Pas omstreeks 1980 kregen zijn dwarse ideeën enige erkenning.

De titel van zijn nieuwe boek slaat op chimpansee Mama, een vrouwelijk dier dat een dominante rol vervulde in de chimpanseekolonie van Burgers Dierenpark in Arnhem en buitengewoon oud werd (59 jaar). Jan van Hooff, nestor van de Nederlandse primatologie, had jarenlang met de groep gewerkt. Toen Jan hoorde dat Mama niet lang meer te leven had besloot hij haar nog eenmaal te bezoeken. Dat bezoek werd gefilmd. Mama is apathisch maar ziet plotseling die lange man met zijn witte kuif die altijd vriendelijk voor haar geweest is. Jan begint te “praten” tegen de chimpansee op een manier die haar vertrouwd voorkomt. Mama leeft op, slaat haar arm om Jan heen, tikt hem op de schouder, oxytocine doet zijn werk en de emotionele band tussen mens en dier wordt geactiveerd. Het afscheid duurt een hele tijd. Mama wil hem niet loslaten. Uiteindelijk zakt ze weg en vindt ze rust. Het filmpje dat er van gemaakt is ging in 2016 viraal op het internet; waarschijnlijk heeft u het gezien want het is miljoenen keren bekeken.

Het is ook interessant om de vraag te stellen die niet door de Waal besproken wordt, namelijk, als de biologische grondslag van het emotioneel gedrag van mensapen zo vergelijkbaar is, waarom is de sociale structuur van de verschillende soorten dan zo verschillend? Chimpansees hebben een heel complexe groepsstructuur, met meerdere mannetjes die een groep vrouwtjes domineren, gorilla’s hebben een klassieke haremstructuur, waarbij één mannetje een groep van vrouwtjes domineert, orang-oetans hebben een soortgelijke haremstructuur, maar daarbij heeft elk vrouwtje haar eigen territorium, terwijl gibbons grotendeels in man-vrouw-koppels leven waarbij de partners zich voor lange tijd aan elkaar hechten. Onze eigen sociale structuur lijkt nog het meest op die van de gibbon en het minst op de aan ons meest verwante soorten, gorilla en chimpansee.

Mijn suggestie is dat we meer moeten kijken naar de ontwikkeling van de hersenen van jonge dieren en kinderen. In de ontwikkeling groeien zenuwcellen uit naar andere delen van de hersenen en verdringen daar bestaande zenuwuiteinden en maken nieuwe connecties. Als er in dit proces kleine verschillen in het bedradingspatroon ontstaan kunnen die grote gevolgen hebben. De emoties kunnen wel hetzelfde zijn, en dat is wat Mama en Jan van Hooff bindt, maar in een ander brein leiden dezelfde onderliggende biologische responsen tot een ander sociaal gedrag. Voor een verklaring van de verschillen tussen Mama en Jan van Hooff hebben we ook Dick Swaab nodig. Maar wat een emotie in het boek van Frans de Waal!

Facebook Comments