De regering heeft verordonneerd dat de winkels dicht moeten; alleen essentiële winkels mogen openblijven. Maar wat is essentieel? Ik vind zelf bijvoorbeeld een boekhandel essentiëler dan een drogist. Zonder drogist kan ik leven, maar zonder boeken? Toch moet de boekhandel dicht en mag de drogist open blijven. Ook de benzinestations mogen open blijven. Maar om te overleven en gezond te blijven heb ik geen benzine nodig. Zo zijn er op de lijst van de rijksoverheid een heleboel winkels die uitgezonderd zijn van de lockdown maar van mij allemaal dicht mogen omdat ze niet essentieel zijn.

“Kunt u daar als bioloog iets over zeggen”, vroeg een lezer aan mij. “Wat zijn eigenlijk essentiële levensbehoeften?” Dat kan, want in de biologie bestaat een duidelijk beeld van wat essentieel is en wat niet. Biologisch gezien is essentieel alles wat je nodig hebt om gezond te blijven, kinderen te krijgen en oud te worden.

Van sommige dingen heb je maar heel weinig nodig en van andere dingen veel meer. Zo is bijvoorbeeld ijzer een essentieel metaal. Ons lichaam heeft ijzer nodig want dat zit in hemoglobine, de rode kleurstof van het bloed. Als er te weinig ijzer in je voeding zit, als je ijzer slecht opneemt, of teveel kwijtraakt, loop je het risico dat je bloedarmoede krijgt. IJzer is een makkelijk voorbeeld dat iedereen kent. Voor andere metalen is het minder duidelijk. Het menselijk lichaam heeft ook een behoorlijke hoeveelheid zink nodig. Het zaadvocht van de man bevat veel zink omdat het nodig is voor de eiwitten in de staarten van de spermacellen. De prostaat hoopt het zink op en voegt het toe aan het sperma. Daarom hebben mannen meer zink nodig dan vrouwen.

Zo is voor alle elementen die er bestaan in het verleden nagegaan of ze essentieel zijn, d.w.z. of het menselijk lichaam ze nodig heeft. Het is soms nog een hele toer om dat vast te stellen. Na veel onderzoek weten we bijvoorbeeld dat het menselijk lichaam een heel klein beetje kobalt nodig heeft. Kobalt is een onderdeel van vitamine B12. Een paar microgram per dag is voldoende, maar dat weinige is wel essentieel. Ook van vitamines heb je maar heel weinig nodig. Pas in de achttiende eeuw ontdekte men bijvoorbeeld dat de scheurbuik die zeelieden vroeger kregen op lange reizen, werd veroorzaakt door vitamine C-tekort, wat je met een beetje citroensap kon verhelpen.

Er zijn ook een heleboel niet-essentiële metalen, zoals aluminium, lood, kwik en cadmium. Die zitten wel in ons lichaam, ze liften mee met de rest, maar ze doen niks. Soms is het lastig om ervan af te komen; bijvoorbeeld, lood gaat in de botten zitten en daar komt het haast niet meer vandaan en dan kan het giftig worden.

Met deze kennis gewapend dacht ik de lezer van mijn column tegemoet te treden. Biologen weten intussen precies wat essentieel is en wat niet. Maar toen ik erover na ging denken begon ik te twijfelen. Wij hebben ijzer nodig vanwege ons hemoglobine, maar er zijn talloze diersoorten, zoals insecten en kreeften, die helemaal geen hemoglobine gebruiken voor het transport van zuurstof in hun bloed. Ze hebben juist veel koper nodig. Ik weet toevallig dat mijten extreem veel mangaan nodig hebben en zakpijpen zitten vol met vanadium. Wij hebben van die metalen maar een heel klein beetje nodig. En zelfs een niet-essentieel metaal als cadmium is in kleine hoeveelheden nodig voor sommige algen, blijkt uit onderzoek. Dus zo duidelijk is het niet.

Het is in de biologie al net als in de maatschappij. Wat voor de een essentieel is hoeft dat voor de ander niet te zijn. Dus ik kon mijn lezer niet helpen. De essentie van de essentialiteit is dat het een vaag en rekbaar begrip is. Vandaar de eindeloze discussies erover.

Facebook Comments