De ophokrichtlijnen die opgelegd zijn door de virusepidemie doen een groot beroep op gezinnen die gedwongen thuis moeten blijven en de hele dag op elkaars lip zitten. Ik lees dat veel mensen het moeilijk vinden om met de situatie om te gaan. Misschien dat een blik op de natuur kan helpen? Hoe gaat de natuur om met concurrentie tussen soorten die elkaar in de weg zitten?

Over de rol van concurrentie in de natuur is altijd veel discussie geweest onder biologen. Ik kan me nog goed herinneren dat, toen ik als net afgestudeerde bioloog de wereld van de ecologie in Nederland betrad, ik me verbaasde over de felheid van disputen die de topgeleerden van destijds met elkaar voerden. Zo was hoogleraar Kees Bakker in Leiden ervan overtuigd dat concurrentie een belangrijke factor was. Hij deed experimenten met fruitvliegen en selecteerde ze op efficiëntie om voedsel te verwerven in concurrentie met andere fruitvliegen. Bakker was een scherp en gewiekst debater, met een deftige maar zeer doeltreffende stijl van redeneren. Hij was ook nog musicus, dichter en tekstschrijver. Ik bewonderde hem zeer en ik vond het een eer dat ik in zo’n gezelschap mee mocht doen.

Bakker stond vaak tegenover een andere ecoloog die ik ook heel hoog had zitten, Piet den Boer. Deze man was aangesteld bij het biologisch veldstation in Wijster en was daardoor wat verder verwijderd van de universitaire wereld. Maar hij had wel een grote internationale faam met zijn werk aan loopkevers op de heide in Drenthe. Hij liet zien dat twee keversoorten die vreselijk op elkaar lijken en hetzelfde gebied bewoonden, jarenlang naast elkaar samenleefden. Het was absoluut niet zo dat de ene kever de andere in de weg zat. Concurrentie is geen regulerende factor in de natuur was zijn stelling, en de experimenten van Bakker waren artefacten van laboratoriumonderzoek. De twee kevers hebben beide te maken met weersfactoren en bodemeigenschappen die hun populaties reguleren.

Ik had toen al de neiging om ondanks mijn bewondering voor Bakker met Piet den Boer mee te gaan en dat standpunt komt nu ook van pas in mijn advies over het thuisblijven onder de ophokplicht. Als je kijkt naar hoe dieren zich in de natuur gedragen zie je vaak dat ze elkaar uit de weg gaan. Op één plant leven veel verschillende soorten insecten, maar ze doen allemaal wat anders. De een eet van de rand van het blad, de ander neemt het bladmoes tussen de nerven, de derde zit aan de onderkant, de vierde op de stengel en dan zijn er nog een heel stel die verschillende onderdelen van de wortel aanvallen. Wat we zien is geen concurrentie, maar op zijn hoogst “de geest van concurrentie in het verleden”, zoals een collega van me het eens uitdrukte. Door concurrentie zijn de ecologische voorkeuren van soorten een beetje uit elkaar gedreven. Jij daar, ik hier, jij vandaag, ik morgen, jij boven, ik beneden. Dat lost het op.

Zo hebben mijn vrouw en ik het ook opgelost en zo hopen we ook samen zonder ruzie erg oud te worden: ieder zoekt zijn eigen “nis”, zoals ecologen dat noemen. De nissen moeten niet teveel met elkaar overlappen, anders krijg je wrijving. Als er eentje stofzuigt moet de ander zich daar niet tegenaan bemoeien. Als er eentje muziek op wil zetten moet de ander dat tolereren of naar een andere kamer gaan. Je moet elkaar wel tegen blijven komen natuurlijk, op zijn minst aan tafel en in bed, maar scheiding van nissen kan echt een oplossing zijn. Niet met de computer op schoot op de bank gaan zitten terwijl de ander televisie kijkt, maar met de computer je eigen hoekje van de kamer opzoeken of in een werkkamer gaan zitten. Dan zal de geest van concurrentie verdwijnen en de geest van vrede onder u heersen. Dat is tenminste hoe de natuur concurrentie oplost. Doe er uw voordeel mee.

Facebook Comments